Dat kunst elitair zou zijn, is een denkfout die wel vaker wordt gemaakt en niet door de minsten. Voormalig politicus en minister van Buitenlandse Zaken Halbe Zijlstra was er indertijd zelfs trots op dat hij geen affiniteit had met de kunstsector en dat het daarom gemakkelijker was om er fors op te bezuinigen. Maar kunst in al haar verschijningsvormen bepaalt, zonder dat we dat meteen door hebben, de identiteit van een samenleving.
Culturele rijkdom
“Als we de toekomst serieus nemen, moeten we ook het kunstonderwijs serieus nemen,“ haalt Ingrid Blans wetenschapsjournalist Mark Mieras aan. Ze is haar hele leven al bezig met kunst, verzamelt kunst en behartigt waar ze kan de belangen van kunstenaars. Ze klimt nog steeds op de barricaden en laat haar stem horen als het om kunst en kunstonderwijs gaat. Kunst speelt in haar leven een belangrijke rol, dat is al heel jong begonnen “Mijn ouders hebben me ermee opgevoed,” vertelt ze, “zij hebben me leren kijken en luisteren. Mijn moeder nam mij als kind al mee naar tentoonstellingen en op mijn elfde kocht ik mijn eerste catalogus van mijn eigen geld, van een Rembrandt tentoonstelling.”
“Ik ben opgegroeid in de Randstad, maar op mijn zesentwintigste ben ik naar Enschede gekomen, omdat je hier de fiets kunt pakken en zomaar midden in de natuur bent. Cultuur en natuur lopen hier synchroon en wij zijn dus eigenlijk heel bevoorrecht. Twentenaren hebben dat altijd weggewuifd, want in de Randstad, daar gebeurt het! Maar Twente is een entiteit op zich, met prachtige natuur en heel veel culturele rijkdom. We hebben zoveel om voor ons te pleiten: een Rijksmuseum, een Universiteit, HBO-opleidingen, het Conservatorium en de AKI, beide deeluitmakend van ArtEZ.”
AKI
Ingrid is begonnen als journalist, werkte onder andere voor de Twentsche Courant Tubantia en als voorlichter bij de Gemeente Enschede. Later verkaste ze naar Den Haag om daar een soortgelijke functie te vervullen. Maar in Enschede staat haar huis, ze woont met haar man Tjibbe Knol op Roombeek, in een bijzonder huis; het eerste huis in Nederland dat voor 70 % bestaat uit gerecyceld materiaal. Inmiddels is Ingrid gepensioneerd, maar dat weerhoudt haar niet om intensief bezig te blijven met kunstbeleid en kunstonderwijs. “Ik ben geen kunstenaar, maar ik kan wel kunst kopen en kunstenaars in leven houden. Zo ben ik in bestuursfuncties gerold. Het begon bij het Creatief Centrum, daar vroegen ze me om in het dagelijks bestuur mee te draaien en begon het balletje te rollen, ik kwam bij openingen en leerde mensen uit de kunstkringen kennen. Daar is ook mijn interesse voor de AKI ontstaan en toen ze me voor dat bestuur vroegen, vond ik het meteen erg leuk. Ze zaten in die tijd aan de Roessinghsbleekweg en de sfeer daar was heel bijzonder, eigenlijk met niets te vergelijken.”
Vrijplaats
“We praten vooral over de jaren ’70, de flower power tijd waarin bijna alles kon, de leerlingen en ook de docenten namen hun kinderen en hun honden zelfs mee, al moesten we soms even op de rem trappen. Maar bevlogen directeuren als Professor Hardy en Professor Sipke Huismans hadden vrijheid van expressie hoog in het vaandel. Er waren regels natuurlijk, maar het was een vrijplaats, bijna een staat in een staat. Kunstenaars uit die tijd bevestigen dat nog steeds en de AKI heeft bijzondere mensen afgeleverd, denk maar aan zanger/kunstenaar Bennie Jolink en acteur Derek de Lint. De docenten waren zelf uitvoerend kunstenaar. Grote namen als Marlene Dumas, Alphons Freijmuth, Hans Ebeling Koning en Reinier Lucassen kwamen graag vanuit het westen naar de AKI. Maar ook bekende kunstenaars uit Twente, zoals Jan Bolink en Dries Ringenier gaven er les.
Onafhankelijke landelijke reviews, die het kunstonderwijs beoordeelden, vonden het ene jaar de AKI de beste academie en het andere jaar de Amsterdamse Rietveld Academie ‘de top’. De AKI was ook buiten Nederland bekend, zelfs Chinese musea wilden graag stagiairies van de AKI. En leerlingen kwamen uit alle mogelijke landen, bijvoorbeeld uit IJsland en uit Marokko. Zij kwamen speciaal naar Enschede om hun opleiding te volgen. Marokkaanse kunstenaars van naam zoals Nour Eddine Jaram zijn hier opgeleid. Het verhaal gaat dat leraren daar ook actief aan meewerkten, ze lieten op vakantie in Marokko pamfletten achter van de AKI.”
ArtEZ
De Enschedese academie was en is een hele goede voedingsbodem, niet alleen voor de leerlingen, maar ook voor de stad Enschede. Maar de wereld is veranderd en daarmee ook de AKI. Ze zijn inmiddels gefuseerd met kunstinstituten in Arnhem en Zwolle en alweer een aantal jaren bekend onder de naam ArtEZ. Fuseren betekent praten en er met elkaar uitkomen. Om tot een optimale samenwerking te komen, moet er soms een herschikking plaatsvinden.
De AKI was aanvankelijk een school voor toegepaste kunst met de nadruk op textiele werkvormen, opgezet door de textielbaronnen in 1949. De visie was om hun textielwevers meer diepgang en plezier in hun werk te bezorgen. Naast de modeafdeling werd er lesgegeven in monumentale vormgeving, fotografie en grafische technieken. De mode- en textielafdeling is inmiddels verhuisd naar Arnhem en het is nu aan andere generaties om als ArtEZ de kwaliteit te bewaken.

