Tekst Feya Wouda – Fotografie Rikkert Harink
Huize Peckendam in Diepenheim ligt er net zo idyllisch bij als een paar jaar geleden, toen fotograaf Rikkert en ik er ons meldden voor een interview met Wibi Soerjadi. Nu zijn we er weer, in dezelfde samenstelling. De parkachtige tuin en het imposante huis lijken niks veranderd en Wibi is nog even open en hartelijk als de laatste keer.
Vijfenveertig jaar in het vak
In de hal van het statige pand liggen verschillende hoedjes, die Wibi graag draagt. Eenmaal binnen is de persoonlijke, eclectische inrichting van het huis nog hetzelfde, een mengeling van antieke meubels en Disney attributen. Maar toch… het voelt anders, gezelliger. Dat kan kloppen want hij is tegenwoordig gelukkig met Mirthe, zijn vriendin, en haar stempel is subtiel maar onmiskenbaar aanwezig. Wibi lijkt geen spat veranderd, dezelfde jonge uitstraling, maar wel vijfenveertig jaar in het vak. Dat begon toen zijn ouders hem als elfjarige meenamen naar een pianorecital in De Doelen in Rotterdam. De emotie die de muziek toen bij hem losmaakte, is nooit meer overgegaan. Op dat moment besloot hij dat hij piano wilde studeren aan het conservatorium. Wibi bleek uitzonderlijk getalenteerd. Hij begon al snel te spelen voor publiek en won als vijftienjarige het Prinses Christina Concours, waarna vele andere prijzen zouden volgen. Op zijn 16e werd hij als leerling toegelaten tot het Sweelinck Conservatorium in Amsterdam, waar hij vier jaar later cum laude afstudeerde. Zijn virtuoze spel en persoonlijkheid hebben hem wereldwijd erkenning en succes gebracht. Dat hij graag samenwerkt met artiesten uit andere muzikale disciplines maakt hem ook uniek in zijn vak.
Tuinconcerten
“Deze vijfenveertig jaar gaan we vieren met een theatertour door heel Nederland,” vertelt Wibi, “met als hoogtepunt mijn concerten hier in de tuin. Die concerten zijn onderhand een traditie, net als het Kerstgala in het Concertgebouw in Amsterdam. Dat doe ik dit jaar alweer voor de tweeëndertigste keer. De tuinconcerten geef ik in juli en augustus. Het programma wordt een reis door de tijd en door mijn leven, door die vijfenveertig jaar als pianist en componist. Ik nodig de mensen eigenlijk bij mij thuis uit, in mijn wereld. Ik speel op de Steinway uit mijn ouderlijk huis, waarop ik mijn eerst noten heb gespeeld. De mensen zitten in de tuin en de Steinway staat op de veranda, zo ontstaat er een ontspannen wisselwerking met mijn publiek.
Ik ga een aantal hoogtepunten uit mijn carrière spelen. De Beethoven sonate, die ik als kind vaak speelde, ga ik nu ook spelen. Naast klassieke werken, eigen composities en speciale eigen bewerkingen van filmmuziek, zoals bijvoorbeeld muziek van John Williams. Ik sluit af met een speciale ode, die ik schreef voor mijn overleden paard Flashback. Ik speel vier stukken uit deze compositie, die eindigt met Flash, die naar een onbekende verte galoppeert.”
Franz Liszt
“Muziek is verklankte emotie. Je hoort de ontwikkeling, die ik heb doorgemaakt in de stukken die ik ga spelen. Ik speel ze nu op een andere manier dan als de elfjarige, die net bij de pedalen kon. Om je muzikaal te kunnen uitdrukken, moet je elke dag studeren. De techniek moet je blijven trainen, dat is de basis. Je persoonlijke gevoel en je ervaringen voegen een extra dimensie toe. Je drukt je anders uit omdat je een bepaalde weg hebt afgelegd, die emotionele bagage komt terug in je spel. Ik blijf mijn stukken verfijnen en nieuwe invalshoeken ontdekken. Ik heb verschillende favoriete componisten maar Franz Liszt hoort daar zeker bij. Hij begon als eerste met het geven van recitals, spelen zonder een orkest, en hij was een popster in zijn tijd. Hij betekent veel voor me, ook omdat het Liszt Concours indertijd veel deuren voor mij heeft geopend. De manier waarop Liszt met zijn instrument omging, fascineert me nog steeds. Hij haalde er zoveel meer uit dan andere componisten in zijn tijd. Hij kon zijn vleugel laten klinken als een eenmansorkest, de dynamiek van heel verstild naar heel groot Als ik zelf componeer, laat ik me inspireren door zijn drie handen techniek.”
Ouders
Bij elk concert dat Wibi geeft, staan twee lege stoelen vooraan met daarop een bloem. Ze zijn gereserveerd voor zijn overleden ouders. Wibi komt uit een Nederlands-Indonesisch gezin en groeit op in Leiden. Zijn vader is als wetenschapper en wiskundige verbonden aan de TU in Delft. Zijn moeder is sociologe en hij heeft vier broers. Een harmonieus gezin en een veilige basis, waar veel aandacht is voor de ontwikkeling van de talenten van de kinderen. Als Wibi aangeeft dat zijn hart bij de muziek ligt, is zijn vader daar aanvankelijk niet heel gelukkig mee.
Hij vindt dat je wat moet doorgeven aan de samenleving en Wibi is goed in wiskunde, dus een wiskundestudie lijkt hem beter; de piano voor erbij. Toch hebben zijn ouders hem altijd volledig gesteund en zijn ze trots op zijn carrière. “In elke situatie kon ik op hen terugvallen,” zegt Wibi. “Het was beste een gekke wereld waar ik in terecht kwam en de veilige haven van mijn ouders was onbetaalbaar.”
Niska en Flashback
Naast het succes is er soms ook verdriet. Hoogtepunten zijn er veel, zoals optredens in Carnergie Hall in New York, op staatsbezoek met Koningin Beatrix en het uitvoeren van zijn eigen compositie ‘The Disney Parafrase’ voor het kasteel van The Sleeping Beauty in Disneyland Parijs. Maar de brutale inbraak in zijn huis en gehoorproblemen, waardoor hij een tijdlang niet kan optreden, hakken er wel in. Dat laatste lost hij op door te componeren, hij hoort de noten feilloos in zijn hoofd. In die moeilijke tijd koopt hij via Ankie van Grunsven twee paarden: Eerst Niska en daarna Flashback. Vooral met zijn paard Flash voelt hij zich verbonden, het is zijn soulmate. “Net als in de muziek gaat communicatie met dieren om gevoel. Ze drukken zich op een andere manier uit, maar als je je dier kunt lezen, is het heel duidelijk. Flash en ik begrepen elkaar. Het was een heel intelligent en krachtig paard, hij wist precies hoe ik me voelde. Zijn overlijden blijft een groot verlies. Ik hem laten cremeren. De urn met zijn as staat hier in mijn huis. Ik heb een mooi altaartje voor hem gemaakt, met een afdruk van zijn hoef en dingen die bij hem hoorden. Mijn lieve Niska is pas overleden, dat verdriet is nog vers. Ze was dertig, dus best oud voor een paard. Ze was op, maar je wilt zo’n dier niet missen, daar staat geen leeftijd voor. Ze is in mijn armen gestorven. Mijn hond Pepper was erbij en troostte ons, ze gaf mij en Niska steeds likjes. Ik laat haar ook cremeren en dan krijgt ze haar eigen plekje bij ons thuis.”

