Twentelife 89 – Bijzonder Beroep
Tekst Elke Agten – Foto’s Eigen foto’s
Van Oldenzaal naar het Spaanse dorpje Orba. 2750 kilometer te voet. Voor Oldenzaler Ben Keizers was het de perfecte manier om afscheid te nemen van zijn werkende leven en tegelijkertijd geld op te halen voor mensen met een dwarslaesie. Na de overname van zijn bedrijf trok hij zijn wandelschoenen aan en begon aan een tocht waarvan hij vooraf wist dat die lang zou worden. “Daar stond ik dan, in the middle of nowhere, en ik had geen idee welke kant ik op moest.”
Op 22 maart dit jaar vertrok hij. Rugzak op, wandelschoenen aan en gaan. Het plan was 2500 kilometer, maar het werden er 2750. „Dat was geen miscalculatie hoor,” lacht Ben aan zijn keukentafel in Oldenzaal. “Je plant van alles, maar de werkelijkheid pakt toch altijd anders uit. Daar hadden andere langeafstandwandelaars me al voor gewaarschuwd.”
Afscheid van werkende leven
Het idee voor de lange tocht had hij al een hele tijd, maar werd werkelijkheid toen zijn bedrijf werd overgenomen. Ben startte in 2002 een eigen adviesbureau en in 2008 had hij honderd mensen in dienst. “Toen vond ik er niks meer aan.” Hij verkocht het bedrijf en begon in 2011 opnieuw. Deze keer kleiner met maximaal 25 adviseurs. Iedereen moest elkaar kennen en het moest voelen alsof het bedrijf van hen allemaal was. Dat lukte. Uiteindelijk namen vijf medewerkers het bedrijf
in 2026 over.
Ben: “Ik had al heel lang het gevoel: ik wil afscheid nemen van mijn werkzame leven, maar niet zomaar.” Hij bedacht een wandeltocht naar Spanje. Daar heeft Ben een huis, in de buurt van Dénia. Hij was er al eens met de auto, de camper en het vliegtuig geweest, maar nog nooit lopend. Er zat nog iets achter zijn plan: een vriendin van hem kreeg in 2015 uit het niets een dwarslaesie. Dat is hem altijd bijgebleven. “Daarom wilde ik de tocht koppelen aan het goede doel Wings for Life. Een wereldwijde non-profitorganisatie die zich inzet voor onderzoek naar ruggenmergletsel.” Uiteindelijk haalde hij ruim 11.000 euro op.
Lange dagen
Voor Ben waren langeafstandswandelingen geen uitzondering en in de voorbereiding liep hij soms honderd kilometer per week. Toch was vier maanden achter elkaar lopen wel even andere koek. Ben: “Sommige dagen waren prachtig, andere dagen waren vooral lang en heel saai.” De Oldenzaler had vooraf bedacht dat hij onderweg eens rustig zou nadenken over wat hij de rest van zijn leven wilde doen. “Maar je kunt je gedachten niet dwingen.”
Wat wel gebeurde: zijn werk verdween langzaam uit zijn hoofd. „Na twee weken was ik het helemaal kwijt. Elke dag begon voor mij op nul.” Dat gevoel van vrijheid vond hij heerlijk. Maar het betekende ook dat hij veel alleen was. Vooral in Frankrijk. Hij liep daar ongeveer 450 kilometer zonder bijna niemand tegen te komen.
Een keer ging het ook bijna mis met zijn navigatie. Zijn horloge wilde ’s ochtends niet opladen en dus vertrouwde hij op zijn telefoon. Tot ook die ermee ophield. Ben stond ’s avonds in the middle of nowhere ergens op ongeveer vierhonderd meter hoogte, moest naar beneden en zag geen duidelijke route. „Ik had geen idee waar ik naartoe moest. Dat was niet heel leuk, nee.” Na twee uur lopen zag hij eindelijk een rood-wit paaltje, de markering van een langeafstandswandeling. Dat gaf hem weer perspectief. Achteraf bleek hij acht kilometer verkeerd te zijn gelopen.
Onderweg werd iets pijnlijk duidelijk
Vier maanden alleen onderweg klinkt misschien als ultieme vrijheid, en dat was het ook. Maar thuis ging het leven ondertussen gewoon door. Zo werd Ben onderweg voor het eerst opa en miste hij ook andere momenten met zijn gezin en vrienden. “Een vriend van mij is vorig jaar overleden. Op zijn sterfdag kwam de vriendengroep bij elkaar. Ik was er even bij via FaceTime, maar dat is toch anders. Op zulke momenten mis je thuis natuurlijk wel meer.”
Gelukkig liep zijn vrouw een paar keer een stuk mee, net als een vriend. Dat waren mooie dagen. „Natuurlijk was het afscheid dan even lastig, maar zodra ze eenmaal uit het zicht waren, ging het wel weer.” Zijn vrouw steunde hem vanaf het begin. Had ze dat niet gedaan, dan had Ben het plan van tafel geveegd. Elke avond probeerden ze elkaar via FaceTime even te spreken. Soms zag Ben dat ze het moeilijk had. “Toch zei ze steeds: ‘Je moet gewoon doorgaan.’” Gelukkig kende de Oldenzaler weinig fysieke ongemakken. Afgezien van een blauwe teen had hij nergens last van.
Tijdens zijn tocht is Raymond Westhoff een dag meegegaan in zijn handbike samen met zijn vrouw Carla. Dat was in het begin van de wandeltocht, omdat Raymond – gelet op zijn beperking – niet ver van huis kan zijn. Ben: “Daar staan wij echt onvoldoende bij stil. Als je ziet wat er allemaal geregeld moest worden voor die ene dag dat hij meeging, realiseer je je pas hoe vanzelfsprekend het voor ons is dat we gewoon ergens naartoe kunnen wanneer we dat willen.” Ellen Bos reed in de Ardennen een stuk mee met hem op de handbike, langs de Maas. Zij en Raymond waren medeorganisatoren van het goede doel waarvoor Ben liep.
Eindbestemming: Orba
Toen hij op een gegeven moment de grens van Spanje bereikte, stroomden de berichten binnen. „Volhouden, je bent er bijna!” Ben lacht. „Bijna? Ik moest nog een afstand afleggen van Groningen naar Maastricht en weer terug naar Groningen.” Bij aankomst in Orba stond zijn gezin hem op te wachten. Stiekem hadden ze het hele plein versierd en droegen ze allemaal hetzelfde shirt. “Prachtig vond ik dat. Ik had verwacht dat ik heel emotioneel zou worden, maar dat kwam eigenlijk pas de volgende dag.”
Eenmaal thuis zit Ben vol ideeën voor de volgende fase. Hij wil meer doen met de geschiedenis van Oldenzaal, adviseurs begeleiden en mensen helpen om projecten van A naar B te brengen. Spreken voor groepen vindt hij leuk en ook wandeltochten organiseren staat uiteraard op zijn lijstje. Of hij trots is op zijn prestatie? Ben schudt zijn hoofd. “Dat ben ik eigenlijk nooit.”

